

Officiële landstaal: Arabisch, Koerdisch
Hoofdstad: Bagdad
Regeringsvorm: Federale republiek
Staatshoofd: President Fuad Masum
Regeringsleider: Premier Haider al-Abadi
Religie:
Islam (96%),
Christendom (4%)
Oppervlakte: 435.052 km²
Inwoners: 38.146.025 (2016)
Inwoners / km²: 87,7 / km² (2016)
Munteenheid: Iraakse dinar
Volkslied: Mawtini

Aanvankelijk bekommerde niemand zich om het lot van de 1,7 miljoen Koerden in Noord-Irak. Met Operation Provide Comfort werd, weliswaar laat, hun hopeloze situatie onderkend. De slachtoffers van Saddams bewind kregen nu noodvoorraden en bescherming.
De Koerden hadden al een lange en bloedige geschiedenis van onderdrukking achter de rug. Na de Eerste Wereldoorlog kregen ze niet een eigen staat en leefden ze verdeeld over Iran, Irak, Turkije en Syrië, die hen met argwaan tegemoet traden. In Irak werden ze tijdens de oorlog met Iran (1980-1988) als verraders gezien en moesten ze zware beproevingen doorstaan. Tijdens de beruchte Al Anfalcampagne, waarmee men het Koerdische verzet wilde breken, kwamen zo'n 180.000 Koerden om. Het was dan ook niet verbazingwekkend dat de Koerden hoopten dat de bevrijding van Koeweit zou worden gevolgd door de omverwerping van Saddam Hoessein. De coalitie was daarin echter terughoudend en de Koerden werd aan hun lot overgelaten. Velen vluchten naar het noordelijke grensgebied met Turkije. De Turken, die sinds 1984 tegen Koerdische separatisten vochten, ontzegden hun echter de toegang tot het land.
De Koerden zaten midden in de winter in een berggebied zonder onderdak, schoon water, voedsel en medicijnen. Past toen het nieuws over de slechte omstandigheden naar buiten kwam, ondernam de coalitiemacht eindelijk actie. Iraaks luchtverkeer boven Noord-Irak werd verboden en dertig landen boden hulp. Voor de Koerden betekende de bescherming van de coalitie, wellicht voor het eerst, enig vooruitzicht op autonomie of zelfs een eigen staat.